Jozef Rulof wandelroute ‘s-Heerenberg

6. Zeddamseweg 70

“Kie’k hie’r is, Jeus, dat is it judde-kerkhof!
‘It judde-kerkhof, Bennad? Wat is ’n judde-kerkhof?’
‘Giij had motte vraoge, wat is ’n jud, wâ! Maor giij kunt nog nie’t denke”

 

De Joodse begraafplaats aan de Zeddamseweg in ‘s-Heerenberg is omstreeks 1752 in gebruik genomen. Dit jaartal wordt genoemd in een rechtbankverslag uit 1765. Na 1890 was uitbreiding noodzakelijk, omdat de begraafplaats vol begon te raken. De omliggende gronden waren bezit van Huis Bergh, zodat Joseph Straus, de voorman van de Joodse Gemeente, op 4 april 1892 een brief schreef aan vorst Leopold, graaf van Bergh, met het verzoek een perceel af te staan. (Dit werd gehonoreerd). De officiële overdrachtsdatum werd uiteindelijk 22 juni 1894.

In ‘Jeus van Moeder Crisje deel 2 ‘ wordt tweemaal de naam ‘Ben Straus’ vermeld, hij was de oudste zoon van Joseph Straus en was degene die in ’s Heerenberg de gymnastiekvereniging had opgericht. Hij ontwikkelde zich tot een van de beste turners van Bergh. Het was bovendien deze man waar Jeus op vlak van voetbal en kunstgrepen blijkbaar veel aan heeft gehad.

Geregeld gingen Jeus en Bernard ravotten op de hei, waar de bakkers hun brandhout hadden opgeslagen. Uit een advertentie d.d. 15 augustus 1911 blijkt dat deze bergplaats van takkenbossen voor bakkersovens grensde aan de joodse begraafplaats.

Foto: De joodse begraafplaats met op de achtergrond de kerktoren

Onder: Artikel in het Nieuwsblad van het Noorden op 15 augustus 1911

jozef rulof jeus heerenberg wandelroute plattegrond rondleiding

Interne link naar Digitaal Archief 1911

Externe Link voor meer informatie